Als je zorg wilt verlenen, krijg je te maken met de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza). Die wet stelt onder andere eisen aan een vergunning en aan intern toezicht. Maar wanneer heb je die vergunning nodig? En wanneer ben je verplicht om een Raad van Toezicht (RvT) in te stellen?

Dat zijn twee verschillende verplichtingen. In dit artikel leggen we in begrijpelijke taal uit welke regels gelden en wat die voor jouw zorgorganisatie betekenen.

Wanneer heb je een Wtza-vergunning nodig?

In principe heb je als zorgaanbieder een Wtza-vergunning nodig wanneer je zorg verleent of laat verlenen:

Er zijn uitzonderingen. Zo geldt de vergunningplicht in principe niet voor:

  • Solisten
    Zelfstandig werkende zorgverleners zonder personeel, zoals een zzp'er die door een thuiszorgorganisatie wordt ingehuurd.
  • Onderaannemers
    Organisaties die uitsluitend in opdracht van andere zorgaanbieders zorg verlenen. Let op: als de opdrachtgever zelf geen zorg verleent en alle zorg uitbesteedt, geldt deze uitzondering niet.
  • Bepaalde andere zorgaanbieders
    Bijvoorbeeld organisaties die uitsluitend Wmo-zorg of jeugdhulp verlenen.

Er zijn meer uitzonderingen. Wil je zeker weten of je een vergunning nodig hebt? Gebruik dan de vergunningplichtcheck van het CIBG.

Wanneer is intern toezicht verplicht?

Een Wtza-vergunning betekent niet automatisch dat je ook intern toezicht moet hebben.

Intern toezicht houdt in de praktijk een Raad van Toezicht (RvT) of een Raad van Commissarissen (RvC) in. In dit artikel gebruiken we de term RvT.

Of je een RvT moet hebben, hangt af van het soort zorg en het aantal zorgverleners in je organisatie.

Voor de Wtza gelden twee grenzen:

  • Meer dan 10 zorgverleners
    Bij medisch-specialistische zorg, persoonlijke verzorging, begeleiding of verpleging, of wanneer cliënten ten minste één etmaal kunnen verblijven.
  • Meer dan 50 zorgverleners
    Bij andere zorg die niet onder de bovenstaande categorieën valt, zoals bepaalde vormen van eerstelijnszorg.

Bij het tellen gaat het om iedereen die beroepsmatig zorg verleent. Dus ook parttimers, ingehuurde zorgverleners, begeleiders en praktijkondersteuners. Stagiairs, vrijwilligers en mantelzorgers tellen niet mee.

Er zijn een aantal uitzonderingen voor organisaties die geen RvT plicht hebben, zoals familie- en ouderinitiatieven. Verleen je ook jeugdhulp? Daarvoor gelden sinds 1 januari 2026 aanvullende regels. Lees ons artikel Nieuwe regels intern toezicht jeugdzorg.

Twijfel je of jouw organisatie een RvT nodig heeft? Gebruik dan de intern toezichtcheck van het CIBG.

Wat doet een Raad van Toezicht?

Formeel houdt een Raad van Toezicht onafhankelijk toezicht op het bestuur van je zorgorganisatie. Maar een goede RvT is veel meer dan een groep mensen die controleert of je alles goed doet.

Je krijgt ervaren mensen om je heen die met je meedenken, je adviseren en als klankbord dienen. Ze stellen kritische vragen, brengen andere inzichten mee en helpen je bij belangrijke beslissingen. Bijvoorbeeld over de groei van je organisatie, financiële risico's of de kwaliteit van zorg.

Daarnaast draagt de RvT zelf verantwoordelijkheid voor het toezicht. Dat kan ook naar buiten toe vertrouwen geven in de manier waarop jouw organisatie wordt bestuurd.

De dagelijkse leiding blijft bij de bestuurder. De RvT houdt toezicht, denkt mee en adviseert. Als je de juiste mensen bij elkaar brengt, kan dat een waardevolle aanvulling zijn op de kennis en ervaring die je zelf in huis hebt.

Aan welke eisen moet een Raad van Toezicht voldoen?

De Wtza stelt eisen aan de samenstelling en het functioneren van de RvT. De belangrijkste zijn:

  • Minimaal drie leden
    De RvT bestaat uit ten minste drie personen.
  • Onafhankelijkheid
    Toezichthouders moeten onafhankelijk en kritisch kunnen functioneren. Ze mogen geen belangen hebben die hun onafhankelijkheid in gevaar brengen, bijvoorbeeld door familiebanden, zakelijke relaties of financiële belangen.
  • Benoemingstermijn
    Een toezichthouder wordt voor maximaal vier jaar benoemd en kan eenmaal voor maximaal vier jaar worden herbenoemd.
  • Profielschets
    De RvT moet een profielschets hebben waarin staat welke kennis, ervaring en achtergrond de leden nodig hebben.
  • Duidelijke afspraken
    De taken en verantwoordelijkheden van het bestuur en de RvT moeten schriftelijk worden vastgelegd en hoe onderlinge conflicten worden geregeld.

Daarnaast gelden eisen aan de informatie die het bestuur aan de RvT moet verstrekken.

De wettelijke eisen vind je op de website van het CIBG. Meer over de onafhankelijkheid van toezichthouders lees je in ons artikel Wanneer is er sprake van belangenverstrengeling in de RvT?.


Ontvang de RvT-bundel

Ben jij een zorginstelling die aan de Wtza moet voldoen? Wil je meer weten over het oprichten van een Raad van Toezicht? Vraag nu onze RvT-bundel aan, vol handige tips en praktische richtlijnen.

Lees hoe je een RvT voor de Wtza opricht, wat het voor jouw zorgorganisatie kan betekenen en laat je inspireren door persoonlijke verhalen van ondernemers en toezichthouders in de zorg.

Mail mij de RvT-bundel

Stuur mij de RvT-bundel